Het kinderdagverblijf (en alles wat ik keer op keer vergeet)

Het kinderdagverblijf. Een fijne plek, zeker voor onze kabouter, waar hij met andere kinderen lekker kan spelen, ravotten, en ook leert dat er meer is dan alleen papa, mama en m’n schoonouders. Je hebt je handen vrij (of je kunt gerust gaan werken) en je weet dat hij er weer zo veel wijzer van terug komt. Een soort voorbereiding voor de kleuterklas eigenlijk! Niet alleen voor onze knul trouwens, ook voor mij. Want er zijn dingen die ik gewoon kéér op kéér vergeet…

(Nieuws)brieven lezen.

Ehm ja, schuldig dus. Ik ken zo’n beetje alle namen van de groepsgenootjes wel uit m’n hoofd, ik weet ook welke ouders bij ieder kindje horen, maar ik vergeet gewoon de nieuwsbrieven te lezen die in de app klaar staan. Knap onhandig; ik kwam er dus last-minute achter dat ze bij elkaar thuis konden spelen (was een thema voor een x aantal weken) dus eh, nouja, er is niemand hier komen spelen, wist ik veel. Zo was ik ook nog last minute nog iets lekkers met een kaartje aan het regelen voor de pedagogisch medewerker op de dag van de PM’er. Ja, ik had het wel voorbij zien komen, maar ja, dat onthouden en dat gedoe met data hè… Ben d’r gewoon niet zo goed in.
Of, vrij recent; het schoenzetten was ook heel leuk. Ik wist wel dat ze schoen gingen zetten, maar toen we die kant op gingen dacht ik ‘ohja, crap, iets voor ín de schoen’. Dus last minuten nog even naar de AH gerend. We kwamen terug met een fles wijn, iets lekkers te eten voor onszelf vanavond, en oh ja, winterpeen. Voor het paard van sinterklaas. Iemand heeft de dag daarna in ieder geval lekker hutspot kunnen maken.

(Schone/vuile) kleding en het bijbehorende kledingbakje

Ook al zoiets waar ik lekker goed in ben; regelmatig in het kledingbakje kijken. Ik heb eigenlijk standaard een setje kleding in z’n tas zitten waardoor ik niet over dat kledingbakje nadenk. Let wel; in dat kledingbakje verdwijnen ook de traktaties, speelgoedjes, kadootjes, knutsels et cetera. Daar moet ik misschien íets vaker naar kijken… Ik bedenk me vaak pas dat er nog een kledingbakje was op het moment dat ik thuis een kledingstuk kwijt ben. “Waar is in Godsnaam je superduperlieveleuke trui nou gebleven?” Oh ja, die had hij toen en toen aan… En ohja, toen istie met andere kleding aan teruggekomen.. *Ploing* Lampjes gaan aan, kwartjes stuiteren op de grond, de volgende keer kijk ik in het beruchte kledingbakje en dit is wat eruit komt;

4 traktaties (al dan niet koek-gerelateerd), 2 bellenblaas, 1 sinterklaaskadootje, een verzameling spenen waar je U tegen zegt (nogal logisch als je ‘m iedere keer een nieuwe speen meegeeft) en een paar rompers, shirtjes, én die ene leuke trui. Die dan uiteraard geen van allen meer passen. Althans, ze passen ‘net wel/net niet’ en jij besluit dat het vast ‘net wel’ is. Diezelfde avond kom je erachter dat het ‘net niet’ was hoor, wanneer je kind met z’n hoofd vast zit in z’n trui en je hem bijna los moet knippen.

Droge sokken en schoenen!!!

Echt, pro-tip, schrijf dit op een post it en op je voorhoofd plakken dat ding; laat een paar (oude) schoenen daar achter en een paar (of twee, of drie paar) schone en droge sokken achter. Ongelukjes kunnen gebeuren op een kinderdagverblijf; ze gaan lekker in plassen stampen, bekers water vallen om (of schoenen vallen in wasbakken). Dan is het fijn dat er een droog paar schoenen staat. Zijn niet de mooiste schoenen, maar ze staan er wel. Het zijn ook maar nood-schoenen hè. Zodat ze iets droogs aan de voeten hebben dat stukje naar huis. Ik bedenk me iedere ochtend ‘ohja, dat moet ik nog effe meenemen’ en ik kom er dan ‘s middags achter dat ik dat niet mee heb genomen.

Dat ga ik morgen dus niet meer vergeten, want nouja, gister konden we hem ophalen met zeiknatte schoenen. Hij heeft dus laarsjes geleend (nouja, zoals de leidster zei; die staan er al een jaar ofzo, dus dan kan hij ze toch net zo goed aantrekken) om mee naar huis te kunnen. En twee verschillende sokken. Ik vind het helemaal prima, want ik draag ook zelden twee dezelfde sokken aan; dus helemaal in de stijl van chaotische moeder. Niks meer aan doen. Hij heeft nu trouwens ook twee dezelfde sokken aan bedenk ik me net. Wel schone hoor, dat dan weer wel, no worries.

Een wekker zetten

Wat ook nog wel eens ontbreekt hier… Een wekker zetten. Het gebeurt vaker dan ik zou willen, maar ik moet nog wel eens opbellen dat we íetsje later zijn. Lees; de laatste aankomst-tijd is bijvoorbeeld 10 uur, en eh, nouja, meneer ligt dan uiteraard alléén op die dag lekker in dromenland tot half 11. Ze kijken er inmiddels niet eens meer van op, als we aankomen is het ‘ah, uitgerust en co!’ en kan hij zo aanschuiven. Dan voel ik me echt een loedermoeder; m’n kind komt z’n bed (of nouja, ons bed dan eigenlijk vaak) niet op tijd uit en ik denk bij mezelf ‘ah, lekker, even uitslapen, lekker, doei!’ en ik draai me dan ook gerust weer om, om vervolgens verder te tukken. Daarentegen kunnen wij wel binnen 20 minuten aangekleed zijn en een broodje naar binnen hebben gewerkt, en binnen een half uur staat hij dan op het kinderdagverblijf. Zit m’n haar dan goed? Nee. Lopen er nog zwarte make-up vegen onder m’n ogen? Ongetwijfeld. Maar als ik dát allemaal nog moet gaan doen, dan zijn we er de dag daarna pas. Lijkt me ook niet wenselijk….

Al met al ben ik dus best een chaoot; mocht dat je nog niet zijn opgevallen. En ik kan me goed voorstellen dat er meer ouders zijn die in al het ren-en-vlieg-werk dit nog wel eens vergeten.

Nouja, wat ik al zei; goede voorbereiding voor de kleuterklas. Voor jezelf, maar ook voor je kind. Went ie alvast aan de natte voeten en de vergeten ‘knutselmiddag’ met papa en mama (lees: de verplichte knutselmiddag waar iedereen onderuit probeert te komen). 😉



Laat je een reactie achter?

%d bloggers liken dit: