Lezing: Hoogbegaafdheid bij kinderen

Dinsdag 13 februari werd er in de Bibliotheek Schiedam een workshop / interactieve lezing gehouden over (hoog)begaafdheid bij kinderen; hoe herken je dit, hoe begeleid je dit en wat zijn de valkuilen hiermee. Ik vond het een goed plan om hierbij aanwezig te zijn. Niet omdat ik denk dat m’n kind een IQ heeft van 140, maar ik weet ook dat hij niet compleet achterlijk is en hoe meer kennis je hebt; hoe makkelijker het wordt om het een en ander te (h)erkennen. Zodoende dat ik dus, samen met een behoorlijk grote groep ouders naar deze lezing ben gegaan. Ik ga deze avond opsplitsen in een paar blogs, om jullie niet van enorm veel informatie te voorzien in één keer, en omdat ik zelf ook eerst nog een aantal dingen goed wil doornemen en uitzoeken voor ik het hier online zet natuurlijk.

(Hoog)begaafd of een ontwikkelingsvoorsprong?

Wat als eerst goed is om te weten, is dat er een verschil zit tussen (hoog)begaafd zijn of een ontwikkelingsvoorsprong hebben als kind zijnde. Vooral in de peuter en kleuterfase kan een kind ineens een gigantische sprong maken en daardoor ineens verder vooruit lopen, maar daarna ook weer een ruime tijd ‘stabiel’ blijven waardoor dit telkens weer gelijk trekt met de leeftijdsgenoten. Wanneer je kind taalvaardig ineens een stuk verder is dan zijn leeftijdsgenoten, kan je daarom al snel denken dat hij vast wel slimmer dan de andere kinderen moet zijn. Dit moet je echter niet klakkeloos aannemen, want zeker in de eerste jaren nemen ze allemaal hun eigen (grote) sprongen en hebben ze een eigen ontwikkelingscurve. Wanneer je merkt dat de sprongen steeds groter worden en elkaar steeds meer opvolgen, is het wel een goed idee om dit in de gaten te houden natuurlijk en goed te kijken naar wat je kind zélf aangeeft.

Kenmerkend voor kinderen onder de 4 jaar

Als eerst is het goed om te weten dat een (hoog)begaafd kind niet per se deze kenmerken hoeft te tonen. Ook hoeven ze absoluut niet allemaal voor te komen. Andersom is dat natuurlijk ook mogelijk; als je kind een of meerdere van deze kenmerken heeft, betekent dit niet direct dat het kind (hoog)begaafd is. Inmiddels is uit meerdere onderzoeken gebleken dat (hoog)begaafd zijn meer is dan alleen een hoge intelligentiescore; ook komen hier karaktereigenschappen, en emotionele scores bij kijken. Het “hij weet álles, hij zal vast hoogbegaafd zijn” gaat dus niet meer op.

Omdat de lijst eindeloos lang kan worden, pik ik er een aantal uit die ik zelf heel interessant vindt met betrekking tot onze knul. Nogmaals; ik druk er niet direct een stempel op en ik schreeuw niet gelijk van de daken dat ik een hoogbegaafd kind heb, maar sommige dingen waren ineens heel herkenbaar en bepaalde situaties waren hierdoor ineens veel logischer te verklaren.

  • Weinig slapen, vroeg staan, lopen, kruipfase overslaan

Direct na de geboorte was onze knul eigenlijk al heel helder. Toen zijn hart gecheckt werd duwde hij met z’n handje, hoe klein ook, al heel duidelijk de stethoscoop weg. Z’n blik stond heel helder en ook de weken daarna was hij heel ‘wakker’ en aanwezig. Niet op een vervelende manier, maar als hij wakker was, was hij ook echt enorm wakker. Wij grappen sindsdien altijd dat hij haast heeft, omdat hij ook héél vlot was met zitten, zichzelf optrekken en op z’n eerste verjaardag zette hij z’n eerste stappen. En die zette hij wel dusdanig stevig, dat het leek alsof hij al maanden liep. Hij is van tijgeren naar een soort ‘half’kruipen gegaan, maar wilde liever constant zijn benen staan.

  • Vroeg brabbelen, vroeg praten in correcte zinnen, opvallend taalgebruik

Dit was iets wat de PM’ers op het kinderdagverblijf een hele tijd geleden al opmerkten aan hem; hij had een ruim half jaar geleden al héle verhalen. Destijds nog niet zo goed verstaanbaar natuurlijk, maar hij probeerde wel echt in zijn eigen taaltje al hele verhalen te vertellen, met af en aan wel hele duidelijke woorden, gebaren en mimiek. Inmiddels is dat eigenlijk alleen maar verder; hij probeert altijd echt heel duidelijk te verwoorden wat hij nou bedoelt en wordt ook echt wel heel erg boos als dat niet lukt. Daar kom ik overigens later nog op terug, maar je merkt dat hij steeds meer kan en wil zeggen. Ook termen als ‘gezellig, op de bank zitten’ als we met zijn drietjes (of met de hele familie) thuis zijn, zijn heel opvallend. Dat zegt ie nou nooit als we met z’n tweetjes zijn en hij even om zich heen kijkt.

  • Eindeloos goed geheugen, vraagt veel waarom, (over)gevoelig

Dat eindeloos goed geheugen, dat is wel een dingetje… In het begin is hij wel eens ‘geplaagd’ op het KDV. Niet dat ze dat op die leeftijd bewust kunnen doen natuurlijk, maar goed, peuters onder elkaar; pakken elkaars speelgoed af, duwen elkaar om en botsen (per ongeluk) tegen elkaar aan. Heel vaak lijkt hij zulke momenten te ‘herbeleven’ of lijkt het alsof hij eraan herinnert wordt en gilt hij ineens keihard en heel boos de naam van dat kindje, gevolgd door een ‘niet doen’ of iets anders. Alsof er iets is op dat moment dat hem triggert; het kindje is lang niet altijd in de buurt, want dit gebeurt ook met enige regelmaat thuis. Ik hoef ook echt niet te zeggen dat z’n favoriete PM’er op het KDV is om hem mee te krijgen er naartoe; als ze er dan niet blijkt te zijn heb ik een boos jongetje, die met z’n handjes in een ‘vragende houding’ gaat staan en vraagt waar Corrie is. Corrie is even een fictieve naam overigens 😉

“Nee, kan niet” of “Nee, kan nóg niet”?

leerkuilWe kregen ook de ‘leerkuil’ uitgelegd. En heel eerlijk; de leerkuil vind ik niet alleen toepasbaar voor (hoog)begaafde kinderen, maar is eigenlijk geweldig goed toepasbaar voor íeder kind en eigenlijk ook voor volwassenen, en dit is ook zeker iets wat ik nu zelf ga proberen toe te passen. Niet alleen bij onze knul, maar ook bij mijzelf!

 

De leerkuil probeert uit te leggen, dat als je over de kuil heen springt, je welliswaar je resultaat bereikt (je bent aan de andere kant), maar hierdoor geen leerproces door bent gegaan. Je hebt niet ervaren hoe en waarom je tot het resultaat bent gekomen, en daarnaast; ook van fouten leer je! Nu is dat wel een gevoeliger iets bij (hoog)begaafde kinderen, ook daar kom ik in een volgend blog op terug.

De leerkuil laat zien dat het een leerproces is om aan de andere kant te komen. Veel kinderen die ‘last’ hebben van (hoog)begaafd zijn, leren echter niet meer om fouten te maken en te leren. Dat doen ze niet bewust, maar omdat alles zo gemakkelijk gaat, ervaren ze geen tegenslag. Wél ervaren ze een hoge druk om te presteren; ze komen immers altijd met goede resultaten thuis, zonder daar moeite voor te doen en daardoor is de drang (en dus druk) om wéér met goede resultaten thuis te komen des te groter. Wanneer ze niet met mooie resultaten terug komen, zijn ze bang dat ze als ‘dom’ worden gezien, of misschien zelfs op hun kop krijgen. Dat gevoel krijgen ze niet omdat je een slechte ouder bent, maar omdat kinderen überhaupt gewoon natuurlijk heel graag het juiste willen doen en complimenten willen krijgen. Faalangst is dan ook geen onbekend iets bij (hoog)begaafde kinderen; deze kinderen zijn heel perfectionistisch aangelegd en daarnaast enorm kritisch op zichzelf. Als ouder zijnde doe je dan níks verkeerd, echt niet! Het is wel goed om goed met je kind in gesprek te blijven hierover en ook de school (of kinderopvang) in te lichten als je merkt dat je kind tekenen van faalangst vertoont; hoogbegaafd of niet. Print de leerkuil uit, hang hem op, bespreek het met je kind en met de leerkrachten; laat zien dat het niet érg is om middel in die kuil te belanden, omdat dat betekent dat je het nóg niet kan, maar dat je het wél kunt leren. Begeleiding is enorm belangrijk! Niet alleen tijdens de basisschool, maar ook in de periode hiervoor (en hierna).

Vroeger vs nu

De kennis van nu is natuurlijk alweer heel anders (en verder) dan voorheen. Logisch, want iedere dag weer worden er nieuwe dingen ontdekt en geleerd over de ontwikkeling van het brein. Ik vond het wel heel typisch dat er ineens voor mijzelf best veel puzzelstukjes op hun plek vielen. Ik herkende een hoop in de presentatie van mijzelf van vroeger en dat was best even slikken; zeg maar gerust confronterend. Wie weet hoe anders mijn (school)carrière had kunnen lopen met de kennis van nu. Afijn, dat is een koe in z’n kont kijken, maar het heeft me wel even goed doen nadenken; hoe ben ik vroeger begeleid, hoe wil ik dat onze zoon überhaupt wordt begeleid, of hij nou slim is of niet, en wat vinden we belangrijk? Daar komt ook een stukje basisschoolkeuze bij kijken. In de volgende blog over deze lezing ga ik wat dieper in op mijn eigen basisschooltijd, wat ik herkende in de lezing van 13 februari en ga ik ook dieper in op het stukje faalangst, het ‘leren leren’ en wat (hoog)begaafd zijn nou is, behalve een hogere intelligentie score neerzetten op papier.

Over Rachelle

Hoi! Ik ben Rachelle, en ik blog net als vele andere moeders (en vaders) over het ouderschap; vaak vind ik het enorm leuk, maar soms is het vreselijk zwaar en pittig. Op mijn blog deel ik het ouderschap zoals het is; eerlijk, met humor, en soms (ietwat) grof.

3 reacties

  1. Wat een fijn en helder artikel! In mijn tijd op het basisonderwijs kreeg ik soms ook te maken met leerlingen die duidelijk meer konden dan hun leeftijdsgenoten. Echter, waren dat al schoolgaande kinderen. Ben dus heel benieuwd hoe dit onder de leeftijd van 4 aangepakt wordt of ermee omgegaan wordt! Kijk uit naar het volgende artikel!
    Essma onlangs geplaatst…Halve marathon update #13 | Nog maar 7 weken…My Profile

  2. Ik vind het erg interessant om dit te lezen over hoogbegaafdheid. Bedankt voor de informatie

  3. Pingback:Hoogbegaafd of ontwikkelingsvoorsprong? – Kaboutermama

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge