Ouderzonden 2: Avaritia

We beginnen de week goed; met het tweede artikel van de ‘ouderzonden-challenge’! Vorige week mocht ik al lekker opscheppen over waarom ik mijzelf een goede moeder vindt, en dit keer mag ik ongegeneerd vertellen wat ik absoluut niet deel met m’n kind. Hoewel ‘hebzucht’ en ‘gierigheid’ ook als een prachtige metafoor gebruikt kunnen worden óf zich juist uitstekend lenen voor ‘mijn chocoladereep, niet die van jou’, probéér ik in ieder geval zo goed en zo kwaad als het lukt het een klein beetje breder te bekijken. Wat deel ik nou absoluut niet met mijn kind?

Hebzucht & gierigheid

Als we gaan kijken naar de exacte betekenis van ‘Avaritia’ kom je bij allemaal Engelse (wiki)pagina’s uit die de ‘seven sins’ uitschrijven, waaronder dus ‘Avaritia’, beter bekend als ‘greed’. Logisch, want daar zijn de ouderzonden op gebaseerd; op de oorspronkelijke ‘7 deadly sins’ natuurlijk.

Op het moment dat je vader of moeder wordt van een kind (of dat nou je eerste, tweede of vijfde is) verandert er een hoop in je leven. Vooral in de eerste periode wordt je echt ‘geleefd’, althans, dat is mijn ervaring wel geweest. Dat is overigens niet per se negatief, maar wel even wennen! Op dat moment verandert je leven en is niet alles meer vanzelfsprekend ‘alleen van jou’. Ik deel bij voorkeur m’n camera niet met m’n peuter, uit angst dat ie ‘m stuk maakt. Aan de andere kant; wat is een camera nou? Die is toch altijd te vervangen… En ik kan wel roepen dat ik m’n bed niet meer opoffer voor ‘m, maar hey, wie weigert nou een lieve peuter die om 6 uur tussenin kruipt met de woorden ‘mama liggen…’ en zo weer verder slaapt? Ik in ieder geval niet, want over een paar jaar is het al een grote knul en is papa de allerbeste. Laat mij dan nog maar even genieten van die kleine liefdevolle momentjes.

Wat ik níet deel met mijn kind

Wat ik het liefst níet met m’n kind deel, is de grote mond die ik soms wel eens heb. Maar hey, hij is twee en inmiddels heb ik al best vaak íets te bijdehante dingen uit zijn mond horen komen, dus dat kan ik op m’n buik schrijven. Wel hoop ik dat hij leert om het iets meer te ‘verdelen’. Als ik eenmaal begin ben ik een soort ongefilterde woordenstroom, wel altijd eerlijk hoor maar man, soms best onhandig. Dus hopelijk ‘erft’ hij dat ‘ongefilterde’ niet van me 😉 Al mag hij wat mij betreft prima z’n mening uiten. Iets met vrijheid van meningsuiting, dat vind ik belangrijk.

Wat ik absoluut ook niet met m’n kind wil delen, is m’n make-up. Ik bedoel, ik snap echt dat ze graag papa en mama nadoen, en bij mama nadoen zit nou eenmaal make-up opdoen, maar echt, hij krijgt het niet. Hij kan een leeg, schoon make-up sponsje krijgen en doen alsof, en dat is dan ook echt zijn sponsje, en de rest is van mij, en van mij alleen. Nog los van het feit dat het niet zo hygiënisch is als hij met z’n snotneus aan mijn make-up spullen zit, vind ik het ook gewoon niet nodig. Make-up is van mama, en daar blijft hij met z’n vingertjes vanaf, of hij dat nou leuk vindt of niet. Daarnaast, als ik hem daar al z’n zin mee geef, dan heb ik de rest van de dag geen leven meer. En dat kost me dus wel een chocoladereep. Zó gek ben ik nou ook weer niet op delen 😉

M’n dekbed deel ik ook niet met m’n kind. Dat kan wat raar overkomen als je net nog hebt gelezen dat ik m’n bed prima opoffer, maar dit vereist wat uitleg. Ik ben namelijk een gruwelijke koukleum, het liefst duik ik met 2 broeken, twee truien, en 3 paar sokken aan in bed, met daar bovenop allemaal dekbedden gestapeld. Echt, als je me soms ziet denk je waarschijnlijk “wat is er in vredesnaam mís met dat mens”. Ik heb het gewoon al-tijd koud. Oké, niet altijd; met de kachel op standje tropisch regenwoud niet, en in de zomer lukt het op zich ook wel, maar omdat ik zo lekker dik gebouwd ben (not) en zo’n lekkere dikke huid heb (not) lukt het me niet zo goed om mezelf op temperatuur te houden. Daarnaast wonen we nou eenmaal in een wat minder goed geïsoleerd huis, en dan wil het dus helemaal niet lekker meer lukken, dat opwarmen. Dus als onze knul erbij komt liggen, heeft ie z’n eigen deken. Die ligt al klaar op bed bij ons (aan mijn kant dan; je weet nooit hoe koud het wordt) en als hij er dan bij komt ‘s morgens, dan is dat zijn deken. Hoewel ik het heerlijk vind om te knuffelen en ik ook echt wel weet dat er niks mis is met huid-op-huid contact, óók als ze wat ouder zijn, moeten we eerst allebei even opwarmen. Als hij namelijk uit  zijn bed komt en naar ons toewandelt, lijkt het wel alsof hij eerst een rondje heeft gelopen buiten; op z’n blote voeten, zulke koude pootjes. Overigens maakt een deken meer of minder, warmere of juist koudere pyama of sokken/geen sokken aan geen hol uit; volgens mij deelt ie mijn genen hierin en is hij dus ook al-tijd koud. Afijn; m’n deken deel ik dus niet met ‘m.

En verder ben ik eigenlijk heel makkelijk. Wil hij een hap van m’n eten? Take it away; eet je 6 slagen in de rondte, maar wél eerst vragen. Ik deel eigenlijk een hoop, zolang hij het maar vraagt (of probeert te vragen) en niet zomaar pakt. Hij mag met m’n gitaar aan de haal gaan, interesseert me echt niet; laat hem maar lekker aan die snaren plukken. In het állerergste geval moet ik een nieuwe gitaar kopen. Nou, dat is ook geen wereldramp want deze is ook al eh, ruim 7 jaar oud geloof ik… Laat hem maar lekker de wereld ontdekken. En die wereld begint nou eenmaal bij ons, als ouders.

Vertel eens, wat deel jij nou écht niet met je kinderen?

Mijn eerste ‘ouderzonden’ artikel lees je hier. Ouderzonden is een project opgestart door Romina en Annelore



Laat je een reactie achter?

%d bloggers liken dit: