‘En, wanneer komt de tweede?’

Een vraag die voor veel moeders herkenbaar zal zijn: ‘ Wanneer komt de tweede/derde/vierde?’. Je bent nog steeds aan het wennen en bijkomen van de zwangerschap/bevalling/het leven als moeder, en er wordt nog net niet verwacht dat je direct aan een tweede begint. Wanneer je nog niet direct aan een tweede begint, komen er vragen of je wel een tweede wil, of het wel lukt, of dat je niet stiekem al zwanger bent (vooral bij mij is dat de vraag, want tja, de eerste had zich ook verstopt). Alsof de druk van al die vragen niet erg genoeg is, zie je vervolgens de ene zwangerschaps aankondiging na de andere, spontaan zit iedereen op het wachtbankje of is iedereen bijna uitgerekend. Als klap op de vuurpijl staat zelfs in het groeiboekje van het consultatiebureau dat rond deze leeftijd je kind een broertje of zusje krijgt, en hoe je dat dan aan ze uitlegt. Say what? Hilarisch, not, want die uitzwangerhormonen (wat nou 9 maanden uitzwangeren, die hormonsters zijn bij mij nooit vertrokken, die hebben de memo zeker gemist) doen je eierstokken zo gigantisch klapperen en rammelen dat je je afvraagt of het nou daadwerkelijk zo gezellig is daarbinnen; onze kabouter zat er zo gezellig dat hij zich heel stilletjes hield en die eierstokken dansen de polonaise wanneer ze weer een positieve test op facebook zien.

Het is niet dat ik geen tweede wil. Nog los van het feit dat het me best leuk lijkt om een keer bewust een zwangerschap mee te maken, voelt het gezin voor mijn gevoel nog niet compleet, en zou daar best een tweede bij mogen ja. Maar ja, er zijn nog een aantal hindernissen te trotseren. Sowieso is er nu, om te beginnen, geeneens ruimte voor een tweede kind. Letterlijk niet; ik heb geen kamers meer over, en ik ben net een beetje gewend aan de rustige nachten, dus hell no dat een eventuele baby op onze slaapkamer gaat slapen. Noem me maar egoïstisch, maar ik vind het heerlijk dat we nu eindelijk kunnen doorslapen, en dus eindelijk kan uitrusten.

Los van het aspect ‘ruimte, slaap, rust’ weet ik oprecht niet hoe ik het onze kabouter zou moeten uitleggen. Noem me maar een softie, maar hij is mama’s kleine knul. Ik weet niet hoe ik hem moet uitleggen dat er een baby bij komt en dat hij niet als enige op de wereld meer is. Ik kan dat niet. Nu in ieder geval niet (of mijn hormonen het daarmee eens zijn is een tweede), want ik wil alle tijd aan onze kabouter besteden. Lekker met hem naar de speeltuin, poffertjes eten, en op de bank samen Pieter Post kijken.

Dan nog het stukje revalidatie; ik weet niet hoe goed het op dit moment voor mijn lijf is om nog even zwanger te worden. Ik bedoel, de eerste heeft mijn lijf ook prima doorstaan hoor, daar niet van, maar “don’t push your luck” dacht ik zo. Zul je zien dat ik keihard afgestraft wordt en vanaf week 4 gewoon niks meer kan omdat ik mezelf eerst weken achter elkaar leegkots, vervolgens gigantisch last krijg van bekkeninstabiliteit en daarna langer dan het oorspronkelijke zwangerschapsverlof op bedrust moet. Met een kabouter die alleen maar met mama wil spelen en boekjes wil lezen en ondersteboven gehouden wil worden. I don’t think so.

En last but not least (althans, voor mij dan), en daar mag je me best oppervlakkig voor noemen; ik wil niet dik worden. Bij een ander vind ik het prachtig hoor, bolle toeters, beweging niet alleen kunnen voelen maar ook misschien wel kunnen zien, leuke positiekleding. Echt, bij een ander ziet het er zo mooi uit, maar bij de gedachte alleen al dat ik dan ook dik word, gaan mijn nekharen overeind staan. Ik wil gewoon niet dik worden. Nu niet, nooit niet. Niet dat ik nu zo geweldig op mijn voeding let ofzo, ik doe er nu ook niks aan en heb echt wel een verdwaald vetje, maar ik weiger gewoon dik te worden, zelfs al is het alleen maar een zwangerschapsbuik; ik doe het gewoon niet.

Maar dat betekent niet dat het niet frustrerend is, en dat het soms als falen voelt. Niet dat we het actief aan het proberen zijn, maar de een na de ander raakt zwanger, of is al bijna uitgerekend, of is ‘actief het wachtbankje bezet aan het houden’. En heel eerlijk, ik moet maar afwachten of ik überhaupt kan werken na het hele revalidatietraject, laat staan of ik nog zo’n mazzel heb om een tweede keer zwanger te worden (dat moet je ook maar afwachten). Ik wil ook, maar ik wil ook weer niet.

Geweldig spul joh, die hormonen..



Laat je een reactie achter?

Ik ben heel benieuwd naar jouw mening!

%d bloggers liken dit: